Al het goede komt uit het oosten!!
Onder 'vroegste vermelding' deed iemand in een magazine uit de doeken waneer en waar honkbal voor het eerst gespeeld zou zijn. Natuurlijk werd de VS daarin veelvuldig genoemd. Zo zien ze het zelf in de States ook graag. Maar door recente opgravingen en bestudering van oude geschriften blijkt het spel al veel ouder te zijn dan in die magazine stond en heeft honkbal zijn oorsprong toch echt in Europa: en wel in TWENTE!
Uit opgravingen bij Denekamp en Deldenerbroek zijn houten knuppels en leren ballen gevonden die toebehoorden aan de stammen van de TUIHANTI (de TUBANTERS) die rond het begin van onze jaartelling in de regio Twente ( oude naam voor Twente is Tubantia ) woonden.Datering van deze voorwerpen geven aan dat een op honkbal gelijkend spel toen al moet zijn gespeeld. Latere optekeningen door bijvoorbeeld de Romeinen in de eerste paar eeuwen van onze jaartelling bevestigen deze vermoedens, maar het bewijs wordt geleverd door de aantekeningen van een priester: LUVIUS.
Het spel is door deze priester van het bisdom Munster omstreeks 1100 - in de tijden van het kerstenen van de ' heidense' Tubanters - in meer detail beschreven. Deze priester slaagde er weliswaar in om de bevolking tot het Christendom te bekeren, maar deze gaven een geheel eigen invulling aan christelijke dagen, gebaseerd op hun oude gebruiken. Het paasvuur is nog een bekend voorbeeld: dit was een van oorsprong ' heidens 'gebruik (het eren van goden ), dat door de eeuwen heen in een 'Christelijk jasje' werd gegoten.
Volgens priester LUVIUS werd er door de Tubanters in de zomer een spel gespeeld dat zijn hoogtepunt had in augustus, net voor de oogstfeesten. Het was daarom een ode aan de Godin van de oogst, dan wel om de weergoden goed te stemmen. Het materiaal dat door de priester werd omschreven had grote gelijkenis met de opgravingen die ik al noemde. Zowel het materiaal als de spelregels wijken maar nauwelijks af van hoe wij het spel nu spelen.
Een buurtschapteam van vijf mannen nam het op tegen een ander buurtschapteam. Één team stond in een rond veld, de andere partij aan de noordkant van dat veld: zij speelden altijd naar de zon toe ( daar kom ik zo op terug ). De ballen waarmee werd gespeeld waren hard ( een bol paardehaar met leer er omheen ) en werden bols'n genoemd ( van bolster ); dit stelden de zaden voor. De veldpartij gooide vanuit het midden van het veld naar de slagpartij. Deze moesten met hun slaghouten ( bats'n , van de platte schop die we nu ook nog onder de naam bats kennen ) het veld in slaan. Op elke bols die goed het veld in werd geslagen mocht een speler naar het eerste baest ( van beest ) rennen. Er lagen vier van zulke baest'n in het veld: de honken. Nadat een speler alle vier honken had gehad was een ronde afgelegd en een punt gescoord. Zo'n punt heette een roan ( ronde ). Bij negen volbrachte roan's werd van veld gewisseld. Dan mocht de andere partij. Degene met zo min mogelijk slagpogingen was 'winnaar'. Dus beide partijen kwamen één keer aan slag. Daarna werd er gezamenlijk een karige maaltijd genuttigd op het midden van het veld; dit noemde men het inn'n ( innen ). Restanten werden er verbrand als offer aan de goden. In de loop van de tijd vormde zich op die plaats dan ook een soort offerheuvel.
De betekenis van het spel laat zich al wellicht raden: beide partijen meten zich met elkaar wie het beste de zaden ( bols'n ) kan verwerken met de spaden ( bats'n ). De baest'n ( paarden, trek-ossen ) zijn daarbij behulpzaam om een roan te volbrengen: een ronde van het jaar oftewel de cyclus van zaaien en oogsten. Daarom werd ook altijd naar het zuiden toe - de zon - gespeeld. Er was niet werkelijk een winnaar, want beide partijen maakten uiteindelijk de negen rondes vol. Met andere woorden, beide partijen redden het tot een goede oogst. Alleen was de ene partij daar iets sneller in dan de andere; deze kreeg daardoor waarschijnlijk wat meer aanzien dan de ' minder snelle ' partij.
Het spel werd tot in de gouden eeuw nog steeds gespeeld, maar sindsdien steeds minder. Het is echter zeker dat onder de oosterse Hollanders die in de Verenigde Staten een nieuw leven begonnen, het spel nog populair bleef. Vooral in New Jersey hebben zich Hollanders gevestigd. Het is in de loop der jaren ontwikkeld tot de sport zoals we die nu kennen. Dat verklaart ook waarom juist in New Jersey de eerste wedstrijd werd gespeeld.
Andere aanwijzingen komen uit de taal. De woorden van de Tubanters zijn vervangen door Amerikaanse equivalenten : bols'n werden balls, bats'n werden bats, een baest werd base, roan werd run en inn'n werd inning. Vooral dat laatste woord - inning - is linguistisch nog niet anders verklaard in de engelse taalkunde. De spelregels zijn wel wat veranderd hier en daar. Zo spelen we nu negen innings, terwijl de Tubanters negen runs speelden, wat voor hun dus één inning - inn'n - betekende. En nu is het veld wat veranderd: groter ( daarom spelen we met negen spelers in plaats van vijf) en de honken op vaste afstanden. De werpheuvel is hetzelfde gebleven! Wellicht dat de herkomst nu ook verklaart waarom het een zomersport is...
bronnen: - ''Tubanters,Tukkers,Twenten;10.000 jaar geschiedenis van Oost-Nederland'', J. Klein Masselink, 1997, Uitgeverij Bartels.
- ''Al het goede komt uit het Oosten;de Geschiedenis van Honkbal'', P.Kosterink, 1999, in druk. Uitgeverij H.S.C. Matchmakers.